Een barre tocht
29 september 2024 - Den Bosch, Nederland
Vertrek vanuit Skudeneshavn: Dag Noorwegen!
Hartstikke donker op zee zonder maan:
Vanuit Noorwegen naar Terschelling, of toch niet?
Met flinke snelheid varen we halve wind parallel aan Terschelling, de zee kolkt om ons heen. Met het derde rif en de kotterfok schieten we door de golven. Hoewel we de afgelopen uren nauwelijks hebben geslapen, houdt de adrenaline ons scherp en alert.
"Zeg," begint Sjack. Ik hoor een aarzeling in zijn stem. "De zon zou toch over een half uur opkomen? Het is nog pikdonker." Ik kijk richting het oosten en hij heeft gelijk. Er is geen enkele gloed van de zon te zien. En daar hebben we wel op gerekend, want we komen precies volgens ons tijdschema aan.
Met een diepe zucht zeg ik: “Verdorie, dat wordt nog een flinke uitdaging. Over een uur varen we tussen Terschelling en Vlieland om de Waddenzee op te gaan." We weten maar al te goed hoe moeilijk het is om in het donker tussen de bakens door te laveren. Het is lastig te bepalen welk baken je als eerste moet hebben. Bovendien staat de Waddenzee erom bekend dat de zandbanken zich verplaatsen ... en de betonning dus ook. En die recente verandering staat mooi niet op onze kaart!
Stom, stom, stom
"Shit," vloek ik. "We hebben naar de zonsopgang in Noorwegen gekeken. Daar zit een uur verschil tussen! De zon komt hier pas een uur later op." Ondanks onze zorgvuldige voorbereidingen hebben we dit volledig over het hoofd gezien. Stom, stom, stom, denk ik bij mezelf. Maar we hebben geen keuze, we moeten door.
“Over een minuut draai ik de boot en varen we recht tegen de wind in,” roep ik boven het gehuil van de wind uit. Sjack knikt en maakt zich klaar. Hij is onze navigator, terwijl ik stevig achter het roer sta, wijdbeens om mijn evenwicht te bewaren. Sjack draait de fok in en trekt de schoot van het grootzeil strak. "Nu!" roep ik, en draai de boot 45 graden. De Volle Maan wordt door de golven hoog opgetild, om vervolgens met dezelfde kracht weer de diepte in te duiken. Het gaat er woest aan toe.
"Tien graden naar bakboord, richting die rode ton!" schreeuwt Sjack, terwijl hij met zijn hand wild de richting aangeeft. Ik aarzel niet en volg zijn bevel onmiddellijk op. Golven slaan over het dek. Mijn haar, mijn gezicht en mijn zeilpak zijn drijfnat, maar het deert me niet. We zijn volledig gefocust. Helaas gaan we door de hoge golven maar langzaam vooruit.
Geen Terschelling met wind en stroming tegen
“We varen door, niet naar Terschelling maar naar Harlingen, oké?” Ik knik, maar Sjack ziet niets. Hij tuurt alweer naar de kaart op zijn tablet. ‘Doen we!’ schreeuw ik tegen de wind in. Ik ben opgelucht dat we in het donker én met deze wind, niet hoeven aan te meren in de jachthaven van Terschelling. Iedereen slaapt nog, dus geen extra handjes die ons kunnen helpen. Bovendien moeten we achteruit binnenvaren. Sjack heeft zijn eigen reden: in de smalle vaargeul naar Terschelling zouden we niet alleen wind maar ook de stroming tegen hebben. Het slechtste scenario dat je je maar kunt bedenken. Harlingen dus.
Weer op Nederlandse bodem
Langzaam komt de zon op en de wind neemt wat af naarmate we dichter bij Harlingen komen. Midden in het stadje leggen we aan de kade aan, waar we vriendelijk worden onthaald door een andere zeiler. "Waar komen jullie vandaan?" vraagt hij belangstellend. "Noorwegen," roepen Sjack en ik trots in koor. "Wow!" zegt de zeiler en de verbazing is van zijn gezicht af te lezen.
"Pfoe, wat een tocht," zucht ik terwijl ik me uit mijn doorweekte zeilpak worstel. Met een voldaan gevoel zet ik de wekker. "Eindelijk ... slapen," zeg ik tegen Sjack, terwijl ik me tegen hem aan nestel. "We zijn er," fluistert hij in mijn oor. Mijn ogen worden zwaar en terwijl ik langzaam wegzak in de slaap, mompel ik: "Ja, heerlijk om weer thuis te zijn."




Wij waren jullie kwijt op AIS, weet niet waar dat aan ligt, Marinetraffic gaf op een gegeven moment Amsterdam aan. En daarna helemaal geen positie.
Nee, in Amsterdam zijn we niet geweest. Vreemd. Wel heel leuk dat jullie ons volgen.
Tot gauw!!!